|
Onze medezeggenschapsraad bestaat uit:
mevr. J.M. v/d Worp - Koorn (oudergeleding) mevr. M.M. Koorn - Bout (oudergeleding) mevr. T.A. Buitenhuis (personeelsgeleding) mevr. I. v/d Vliet - de Graaf (personeelsgeleding)
Wat is een MR? Een medezeggenschapsraad is een raad die verbonden is aan elke school. In de MR zitten uit de ouders gekozen leden en uit het personeel gekozen leden. Het is een kleine raad, want een school met maximaal 250 leden hoeft slechts twee of drie ouders en twee of drie personeelsleden in de raad te hebben, maximaal zes leden dus. Heel veel zaken over de MR zijn vastgelegd in de Wet Medezeggenschap Onderwijs en in ons eigen Medezeggenschapsreglement. Hiervan kunt u op aanvraag een kopie krijgen.
Welke bevoegdheden heeft een MR? Een MR heeft twee soorten bevoegdheden: Algemene: ze moet door het bestuur regelmatig voorzien worden van basisgegevens over de school en het vastgestelde beleid. Over tussentijdse wijzigingen in het beleid moet de school de MR informeren. Ook heeft de MR recht op regelmatig overleg met het bestuur. Bijzondere: de MR heeft voor een aantal zaken het instemmingsrecht. Dat betekent dat een bestuur een bepaald besluit niet mag uitvoeren voordat de MR ermee heeft ingestemd. Het instemmingsrecht geldt soms voor de hele MR, soms voor alleen de personeelsgeleding of alleen de oudergeleding. Als de personeelsgeleding instemmingsrecht heeft, dan heeft de oudergeleding adviesrecht, en omgekeerd. Voor andere zeken heeft de MR adviesrecht.
Waar staat de MR? De MR heeft een zelfstandige plaats in de school, maar laat de taken van bijvoorbeeld bestuur, directie of ledenvergadering intact. De MR is een inspraakorgaan, dus de raad geeft z'n mening over zaken of onderwerpen die het bestuur of de directie voorleggen. Maar een MR mag ook ongevraagd adviseren. En dat geldt voor een veelheid van zaken of onderwerpen. De inbreng van de MR is niet vrijblijvend: het bestuur moet er serieus naar kijken. Maar dat is geen probleem: uitgangspunt is immers dat het bestuur en de directie ermee gediend zijn als er zinvolle adviezen komen. Dat kan de kwaliteit van de besluiten alleen maar ten goede komen. Toch zit een bestuur niet 'vast' aan de MR: het hoeft de mening niet te delen, maar moet dan wel met goede argumenten komen. Zoniet, dan kan een geschil worden voorgelegd aan een landelijke geschillencommissie. |